Naar de beginpagina

 

 

 

 

ZINSDEELSTUKKEN

1. De bijvoeglijke bepaling

  • Een bijvoeglijke bepaling zegt iets over een zelfstandig naamwoord. Een bijvoeglijke bepaling vind je door te vragen welk/wat voor + het zelfstandige naamwoord?

Voorbeeld:

          De nieuwe speler| is |in onze wijk| komen wonen.Pastel Fred Marsman

nieuwe = bijvoeglijke bepaling bij speler (welke/wat voor speler?)
onze = bijvoeglijke bepaling bij wijk (welke/wat voor wijk?)

 

  • Bij een zelfstandig naamwoord kan meer dan één bijvoeglijke bepaling staan.

Voorbeeld:

De lange, mooie jongen | kwam | niet.

lange = bijvoeglijke bepaling bij jongen
mooie = bijvoeglijke bepaling bij jongen                                                        

  • Een bijvoeglijke bepaling kan uit meer dan één woord bestaan.

Hij | gaf | een korte en duidelijke uitleg.

korte en duidelijke = bijvoeglijke bepaling bij uitleg 

  • Een bijvoeglijke bepaling kan heel lang zijn en en weer andere bijvoeglijke bepalingen bevatten. Je moet dan altijd het belangrijkste zelfstandige naamwoord opzoeken.

Voorbeeld:

is |de rector |door de vloer| gezakt.                                                                   

ter ere van de opening van de nieuwe vleugel bij onze school = bijvoeglijk bepaling bij feest (feest = het  belangrijkste zelfstandige naamwoord)
Daarna zoek je het belangrijkste zelfstandige naamwoord in de bijvoeglijke bepaling.
van de nieuwe vleugel bij onze school = bijvoeglijke bepaling bij opening
Vervolgens herhaal je het zoeken.
nieuwe = bijvoeglijke bepaling bij vleugel
bij onze school = bijvoeglijke bepaling bij vleugel
onze = bijvoeglijke bepaling bij school

 

2. De bijwoordelijke bepaling

  • De bijwoordelijke bepaling als zindeelstuk zegt iets van een ander woord dan een zelfstandig naamwoord.

Voorbeeld:

Ik vond het boek erg  spannend.

erg = bijwoordelijke bepaling bij spannend (geen zelfstandig naamwoord)
 

  • In een bijvoeglijke bepaling kan een bijwoordelijke bepaling staan.

Voorbeeld:

Ik vond dat een erg vervelende opmerking.

erg vervelende = bijvoeglijke bepaling bij opmerking

erg = bijwoordelijke bepaling bij vervelend


 

Oefening bijvoeglijke bepaling

Oefening bijvoeglijke bepaling en bijwoordelijke bepaling

kruiswoordpuzzel over grammatica

Meer oefenen:

 

 
 

 

 

persoonsv. gezegde onderw. lijd. voorw. meew. vw. voorz.vw. bijw. bep. bep.v.gesteldheid sg.zin lijd. en bedrijv. vorm tijden woordsoorten