Aangepast zoeken
Theorie
Alle oefeningen op CambiumNed
oef.2
oef. 3
oef.4
oef. 5
Oefeningen grammatica
Oefening 1. Het werkwoordelijk gezegde
M
eer oefenen:
Noteer het werkwoordelijk gezegde.
1. Hij heeft de hele avond televisie gekeken.
wg =
2. Volgens de buren staat het geluid wel erg hard.
wg =
3. In de vakantie mag jij er voor zorgen.
wg =
4. Hem vroegen ze niets.
wg =
5. Ronald wil graag met je meerijden.
wg =
6. Durf jij daar te blijven staan?
wg =
7. Hij stond zeker een uur te wachten.
wg =
8. Hij had daar moeten staan.
wg =
9. Hij vergist zich de laatste tijd wel erg vaak.
wg =
10. Zij heeft zich opgegeven voor de wedstrijd
wg =
?
11. Hij at heel vaak zijn boterhammen niet op.
wg
?
12. Zijn voorstel keurde het bestuur niet goed.
wg =
?
13. Loop toch eens door!
wg =
?
14. Zij wast zich elke dag
wg =
?
NAKIJKEN
HINT
OK