|

Op 't
hoekje van de Hooigracht
Op 't hoekje van de Hooigracht
En van de Nieuwe Rijn,
Daar zwoer hij, dat hij zijn leven lang
Mijn boezemvriend zou zijn.
En halverwege tussen
De Vink en de Haagsche Schouw,
Daar brak hij, zes weken later zowat,
De eed van vriendentrouw.
Uit
de bundel: Snikken en Grimlachjes (Immortellen IX)

P.C. la Fargue Haagse
Schouw
Terug bloemlezing

|