Kies voor een informatieve of
betogende spreekbeurt.
Zoek een onderwerp. Zie:
Spreekbeurtonderwerpen op
CambiumNed. Motiveer je keuze (Waarom wil je de klas iets vertellen over
het onderwerp, in hoeverre ben je er bij betrokken?).
Informatie verzamelen - Stel vast wat je al weet van het onderwerp. - Zoek in de mediatheek, thuis en
op internet informatie.
(De
onderwerpen op
CambiumNed
zijn meestal gelinkt met informatieve websites). - Noteer de bronnen.
Formuleer je hoofdgedachte en stel
je doel (informeren of overtuigen) vast. Bij een betoog: Waar wil ik mijn klasgenoten van overtuigen? Bij een beschouwing
of uiteenzetting: Wat wil ik dat ze aan het eind weten?
Bepaal de deelonderwerpen.
Maak gebruik van een structuur. Bij een betoog: publiek met standpunt van twijfel of
tegenovergesteld standpunt. Bij een beschouwing of uiteenzetting: voor- en nadelenstructuur,
verklaringsstructuur, opvattingenstructuur, probleem -oplossingstructuur
en verleden-heden-toekomststructuur.
Verdeel je informatie over
inleiding, middenstuk en slot
Inleiding: Introductie van onderwerp (Zorg voor aandacht van je
publiek.) Vertel waar je het over gaat hebben.
Middenstuk Afhankelijk van de door jou gekozen structuur behandel je je
deelonderwerpen.
Slot Kan bestaan uit een samenvatting, conclusie/ herhaling van
je stelling. Geef ruimte voor/bereid je voor op vragen, discussie.
Maak een spiekbriefje Maak dat briefje niet langer dan een A4'tje. Je mag niet voorlezen.
Een uitgeschreven versie van je spreekbeurt
mag je alleen gebruiken als je niet meer weet
hoe je verder moet.