Willem Kloos

periode 1880 -1910

 

kloosWillem Kloos (1859 -1938)
(Link meer over Kloos)

Kloos was het middelpunt van de tachtigers. Hij is beroemd geworden door zijn sonnetten die hij publiceerde in de De Nieuwe Gids. Deze sonnetten gaan veel over verlangen naar liefde, trots, dood eenzaamheid en wereldverachting. Uit veel gedichten spreekt een romantisch levensgevoel en een aantal is nogal impressionistisch.

Rond 1893 raakt Kloos in een diepe crisis, hij drinkt veel en wordt in een sanatorium opgenomen. Als hij genezen is, trouwt hij en schrijft hij weer gedichten. Deze gedichten halen echter nooit meer het niveau van de poëzie uit zijn jeugd.

 

Sonnet V
Ik ben een God in ‘t diepst van mijn gedachten,
En zit in ‘t binnenst van mijn ziel ten troon
Over mij zelf en ‘t al, naar rijksgeboôn
Van eigen strijd en zege, uit eigen krachten.
En als een heir van donkerwilde machten
Joelt aan mij op en valt terug, gevloôn
Voor ‘t heffen van mijn hand en heldere kroon:
Ik ben een God in ‘t diepst van mijn gedachten.
En tóch, zo eindloos smacht ik soms om rond
Úw overdierb’re leên den arm te slaan,
En, luid uitsnikkende, met al mijn gloed
En trots en kalme glorie te vergaan
Op úwe lippen in een wilden vloed
Van kussen, waar ‘k niet langer woorden vond.
Uit de bundel Verzen(1894)

 


=> Lodewijk van Deyssel

 

 

Willem Kloos – Ik ween om bloemen in den knop gebroken.