Achtergronden

periode 1910 -1945

 

In het begin van de twintigste eeuw zien we dat literaire tijdschriften steeds belangrijker worden. Groepen schrijvers gebruiken die om uiting te geven aan hun ideeën over de literatuur. Zo publiceerden schrijvers uit de neoromantiek veelal in het tijdschrift De Beweging (1904).
Ook voor het vernieuwen van de literatuur zijn tijdschriften erg belangrijk geweest. De tachtigers hadden volgens veel jongeren vastgeroeste denkbeelden en daar moest mee gebroken worden. De nieuwe generatie ging  voor een nieuwe krachtige, maatschappijveranderende literatuur. Het eerste tijdschrift dat deze idealen probeerde te verwezenlijken was Het Getij (1916). Daarin schreven dichters als Herman van den Berg en Hendrik de Vries hun eerste expressionistische gedichten.

 

Het Getij wordt in 1924 opgevolgd door De Vrije Bladen waarvan Hendrik Marsman een jaar redacteur is geweest. Marsman probeerde daarin tevergeefs jongeren  te inspireren.
In Vlaanderen, dat hevig onder het oorlogsgeweld van de Eerste Wereldoorlog had geleden, had het expressionisme wel een grote invloed. Vooral in het blad Ruimte (1920) publiceerden schrijvers als Marnix Gijsen en Gaston Burssens humanitair expressionistisch werk.
Naast het expressionisme ontstaan na de Eerste Wereldoorlog enkele andere stromingen in de kunst die invloed op de literatuur hebben. De aanhangers van het futurisme werden geboeid door het leven in de grote stad. Zij wilden in hun werk de dynamiek van het moderne leven laten zien.
Schrijvers die hierdoor beïnvloed werden, zijn o.a. Hendrik Marsman en Paul van Ostaijen.

 

Belangrijk was ook de Dada-beweging die in 1916 in Zürich ontstond. Het Dadaïsme ontstond als reactie op de verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog. Ze bespotten brutaal en schokkend de kunst uit die tijd. De aanhangers wilden de schijnheilige waarden van gegoede burgerij aanvallen. Dadaïsten verwierpen alle controle door het verstand en maakten antikunst. Schrijvers uit deze periode wilden de werkelijkheid zo direct mogelijk weergeven. Zij maakten veel gebruik van zelfstandige naamwoorden, korte zinnen en verrassende beeldspraak. Tevens experimenteerden zij met de typografie.

 

destijl

Van grote invloed is het tijdschrift De Stijl geweest. De leden van De Stijl, waartoe ook nogal wat schilders en architecten behoorden, streefden naar een radicale hervorming van de kunst. De belangrijkste dichter in dat tijdschrift is Theo van Doesburg geweest. In ‘De Stijl’ publiceerde hij onder naam I.K. Bonset verschillende gedichten.

In de jaren dertig zien we onder invloed van het modernisme in de architectuur en als reactie op het expressionisme een stroming ontstaan die in de architectuur gekenmerkt wordt door een strakke vormgeving waarbij vooral veel glas, staal en beton werd gebruikt. Deze stroming, de nieuwe zakelijkheid had vooral invloed op de mensen rondom het tijdschrift De Stijl.
In de literatuur betekent dit een afkeer van mooischrijverij: een nuchtere, bondige en zakelijke manier van schrijven waarbij vooral gebruik wordt gemaakt van korte zinnen en trefzekere (zelfstandige) naamwoorden. Deze stijl wordt ook wel de ‘gewapend-betonstijl’ genoemd. Schrijvers die hierdoor beïnvloed zijn schreven veel in het tijdschrift Forum (1932). Volgens deze schrijvers moest een kunstenaar in de eerste plaats een persoonlijkheid zijn en eerlijk en moedig de problemen van zijn tijd tegemoet treden. Zij zetten zich hiermee duidelijk af tegen de ideeën van de tachtigers waarvoor de vorm erg belangrijk was. Bloem vatte de ideeënstrijd die toen woedde samen met de  woorden ‘de vent of de vorm’. Schrijvers die tot deze stroming behoorden zijn Menno ter Braak, Ferdinand Bordewijk, Willem Elsschot, Edgar du Perron en Simon Vestdijk.

Tegen deze zakelijke benadering keerden zich de aanhangers van het surrealisme. Deze stroming ,in 1924 door André Breton  in Frankrijk gelanceerd, houdt zich bezig met het onbewuste van de mens en gaat vaak associatief te werk. Bij hen veel aandacht voor dromen, hallucinaties en obsessies. Zij zijn daarbij beïnvloed door de Oostenrijkse psycholoog Sigmund Freud die meende dat een kunstenaar alleen kan ontsnappen aan de dagelijkse werkelijkheid via zijn onderbewuste.
Tot de schrijvers die door deze stroming zijn beïnvloed rekenen we: Belcampo, Ferdinand Bordewijk, Simon Vestdijk en Hendrik de Vries.

 

Andere schrijvers

Naast schrijvers die we tot de neoromantiek, het expressionisme, het surrealisme  en de nieuwe zakelijkheid rekenen waren er nog andere schrijvers actief. We behandelen Theo Thijssen (socialistisch), Carry van Bruggen (feministisch) en Martinus Nijhoff. 

Literaire genres
vrije dynamische vers – gedicht dat niet aan regels is gebonden. Rijm, vers en strofe zijn vrij.
toekomstroman – roman waarin de schrijver een (donkere)toekomst schetst.
memoires – boek waarin de schrijver zaken bespreekt die hij heeft meegemaakt.

 

=> Neoromantiek