Lucebert (1924 -1994) (schuil- naam van L.J. Swaanswijk), dichter en schilder, had net als de andere Vijftigers een hekel aan de gezapige kunst die er in het naoorlogse Nederland werd gemaakt. Hij trad graag uitdagend op en werd wel ‘de keizer van de Vijftigers’ genoemd. In zijn vroege werk laat hij zich vaak kritisch uit over onrecht in de wereld en schrijft hij over sensaties die de liefde kunnen oproepen.

lucebertafb

 

ik draai een kleine revolutie af…

ik draai een kleine revolutie af
ik draai een kleine mooie revolutie af
ik ben niet langer van land
ik ben weer water
ik draag schuimende koppen op mijn hoofd
ik draag schietende schimmen in mijn hoofd
op mijn rug rust een zeemeermin
op mijn rug rust de wind
de wind en de zeemeermin zingen
de schuimende koppen ruisen
de schietende schimmen vallen
ik draai een kleine mooie ritselende revolutie af
en ik val en ik ruis en ik zing

Gerrit Komrij over dit gedicht

 

kunstenaarsportret Lucebert

Jan Hanlo (1912 – 1969) schreef slechts 82 gedichten. In 1949 verwerft hij enige bekendheid met het klankgedicht ‘De mus’. Het gedicht bestaat enkel uit de onomatopee ‘tjielp’ (zie filmpje). Ook in andere gedichten experimenteert hij met klank. Zo veroorzaakte het in 1952 verschenen gedicht ‘Oote’ (zie filmpje) zoveel opschudding dat er zelfs Kamervragen over werden gesteld. In 1958 verschenen zijn ‘Verzamelde gedichten’.

Tjilp

Oote

Gesprek in een snoepwinkel

hans_lodeizen
Link: Literatuurgs.nl

Hans Lodeizen (1924 -1950) schrijft veel over de tegenstelling tussen droom en werkelijkheid. Hij is zich al vroeg van zijn sterfelijkheid bewust en veel voorkomende motieven in zijn werk zijn dan ook, eenzaamheid, melancholie, vluchten uit de werkelijkheid, vergankelijkheid en dood. Hij kende de nodige ‘weltschmerz’, maar beleefde wel veel plezier aan het schrijven van zijn poëzie. Lodeizen sterft al op zesentwintig jarige leeftijd aan leukemie.

Als ik nu ga ...

Ik heb mij met moeite ...

O kus mij, o omarm mij.

gerrit-kouwenaar

Link: KB

Gerrit Kouwenaar heeft tijdens de bezetting gevangen gezeten omdat hij werkte voor een illegaal blad. Na de oorlog gaat hij steeds meer zijn eigen weg. Was hij in het begin nog sterk betrokken bij de samenleving, gaandeweg ontstaat er een geheel eigen anekdotische poëzie waarmee  hij zijn eigenwerkelijkheid maakt. Naast poëzie schreef hij ook de roman ‘Ik was geen soldaat’ en de novelle ‘Val bom!’

Toen wij nog jong waren

In de boomgaard

De winter staat stil

Remco Campert (1929 – ) is ongetwijfeld de bekendste schrijver van de Vijftigers. Over de jaren vijftig schreef hij veel gedichten waarin het gaat over cafébezoek met vrienden en luisteren naar hun geliefde jazzmuzikanten (zie filmpje).
Naast poëzie schreef Remco een aantal verhalenbundels en romans waarvan ‘Een ellendige nietsnut’, ‘Liefdes- schijnbewegingen’ en ‘Tjeempie! of Liesje in luiletterland’  het leukst zijn om te lezen.

Link:  Campert in het Literatuurmuseum

De eerste keer

Ode aan de traplift

In College Tour

 

tjeempie

Nog een paar namen

Andere dichters die tot de beweging van Vijftig worden gerekend zijn: Jan G. Elburg (1919 – 1992), Bert Schierbeek (1918 – 1996), Sybren Polet (1924 – 2015), Hans Andreus (1926 – 1977) en Simon Vinkenoog (1928 -2009)

De namen van de dichters zijn gelinkt met meer informatie over de dichters.

=> Ida Gerhardt en Leo Vroman