Een debat is een argumentatiewedstrijd tussen twee leerlingen of 2 groepen van leerlingen. De ene partij zal een stelling verdedigen en de andere partij zal die aanvallen. Degene(n) met de beste argumenten zal het debat winnen.

Het doel

In een debat probeer je door middel van argumenten een jury (en indirect ook het publiek) te overtuigen. Het belangrijkste is dat je de jury overtuigt en niet je tegenstanders.

De debatstelling

Het onderwerp van het debat moet actueel en controversieel (er moet een duidelijk verschil van mening over zijn). Een debatstelling moet voor de deelnemers interessant zijn en er moet genoeg informatie over aanwezig zijn. Hij moet goed geformuleerd worden en de stelling vraagt vaak om een verandering van regels (bijvoorbeeld op school) of verandering van beleid van bijvoorbeeld een sportbond of de regering.

Het debat

Een debat in de klas of op school gaat volgens van tevoren afgesproken regels.
Je docent of iemand uit klas komt met een onderwerp en de klas bedenkt daarbij een stelling.

Voorbeeld

Onderwerp: Sociale media
Stelling: Sociale media hebben een slechte invloed op jongeren.

Tips bij het ontwikkelen van een stelling: hetdebatbureau.nl

 

 

Ga verder als volgt te werk:

  • Vorm twee partijen van twee of drie leerlingen en een jury (drie tot vijf leerlingen). Bepaal welke groep de stelling verdedigt , welke groep aanvalt en wie er in de jury gaan zitten. Hoe je werkelijk over de stelling denkt speelt geen rol in het debat.
  • Kies een gespreksleider en bepaal van tevoren hoeveel rondes en hoelang het debat gaat duren. De gesprekleider ziet hierop toe.
  • Als je het eens bent over de stelling documenteren de partijen en jury zich over de stelling.
  • Bepaal onderling wie welke argumenten gaat gebruiken en wie het debat opent met een speech waarin de stelling wordt verdedigt.
  • De teams doen vervolgens hun uiterste best de tegenpartij te overtuigen van hun gelijk. De partij die daar het best in slaagt, is de winnaar.

Belangrijk tijdens een debat is dat je:

  • Je je standpunt goed verdedigt.
  • Je de argumenten van de andere partij aanvalt en aantoont dat bepaalde argumenten niet juist zijn.
  • Je drogredenen aantoont.
  • Snel en doeltreffend reageert.

Na afloop bespreekt de jury het debat en let daarbij op de kwaliteit van de argumenten en presentatie. De voorzitter geeft daarna commentaar en wijst een winnaar aan.


Variatiemogelijkheid: Het Schaakklokdebat

Tijdens het debat staat er tussen de partijen een schaakklok. Stel die klok zo in dat iedere partij evenveel spreektijd (3 á 4 minuten) heeft. Een spreker mag alleen praten als zijn tijd loopt. Dus als de andere spreker op de schaakklok drukt, moet jij je mond houden.

Deze vorm is erg spannend en laat goed zien hoe belangrijk timing in een debat kan zijn. Je mag de ander wegdrukken, maar je kan ook de beurt over geven als je denkt dat je een sterk punt hebt gemaakt. De tegenpartij moet dan reageren!