Homoniemen (homofonen)

Selecteer het juiste woord.
Homoniem zijn woorden die er hetzelfde uitzien of klinken (homofoon) maar een verschillende betekenis hebben.


De eerste woorden van een zin hebben geen hoofdletter!

1. Hij heeft het op de juiste plaats.
2. De droogte is een voor de boeren.
3. het niet dan schaadt het niet.
4. Onze badkamer in het licht van de opkomende zon.
5. Een mens dikwijls 't meest door 't dat hij vreest.
6. Hij altijd op de dezelfde tijd in hetzelfde bad.
7. Haar was buiten al te horen.
8. met slagroom was zijn .
9. In zijn laatste had hij het over een tekort aan .
10. Het is niet meer zo veel waard als dertig jaar geleden.
11. Hij fietst wel erg .
12. Als onderzoekt hij de voorkeur van de mensen.
13. Hij laat zich door eigenbelang en makkelijk iemand om de tuin.
14. Hij komt nog elke dag met de naar Wageningen.
15. De onder die brug moet geverfd worden.
16. lagen lekker in in de .
17. is de vloeistof die bij kaasbereiding ontstaat door het stremmen van de melk.