Oefening vervoeging werkwoorden

Vul de juiste vorm van het werkwoord in.
Als je het niet weet, kun je de hintknop gebruiken.

werkwoordik t. tijdik v. tijdhij/zij/het t.tijdhij/zij/het v.tijdvolt. deelwoordonv. deelwoord
gooiengooigooidegooitgooidegegooidgooiende
roepen
gamen
blazen
e-mailen
racen
ontleden
antwoorden
poetsen
erven
claimen
hockeyen
deleten