Benoem de vetgedrukte voornaamwoorden
Gebruikte afkortingen:

p.vnw = persoonlijk voornaamwoord
b.vnw = bezittelijk voornaamwoord
w.vnw = wederkerend voornaamwoord

1. Je moet me haar verhaal nog eens vertellen.
2. Floor heeft haar een reis met het koor beloofd.
3. Jullie moeten me niet haar woorden in de mond leggen.
4. Hebben jullie je wel aan de regels gehouden?
5. U heeft ons een verkeerde voorstelling van zaken gegeven.
6. Door de hevige hagelbui is ons dak beschadigd.
7. U heeft u in de mogelijkheden vergist.
8. Ik had me daar iets anders van voorgesteld.
9. Je moet je niet verkijken op de moeilijkheidsgraad van die piste.
10.U heeft ons haar verlanglijstje nog niet gegeven.