Welk woord moet ingevuld worden om een goede zin te krijgen?
Selecteer het juiste woord?

1. Hij kon geen keuze maken en vulde zijn biljet in.
2. Rekeningrijden is op het ogenblik een erg onderwerp.
3. Zijn bijdrage in de campagne bleef dit keer nogal .
4. De toreador stond die avond voor het laatst in de .
5. De wilde nu wel eens een berg in de Himalaya beklimmen.
6. In hem vond hij een in de strijd tegen het roken.
7. naar huis te gaan, dronk hij eerst nog een glas thee.
8. De signeerde zijn nieuwste boek in de bibliotheek.
9. De had bij zijn ontwerp geen rekening gehouden met de wensen van de omwonenden.
10. Hij keek erg naar het nieuwe model Saab.
11. De reddingwerkers moesten in Haïti erg te werk gaan.
12. Voor het festival kregen zij geen toestemming meer van de .